Dialect springlevend woordenschat verarmt
Het Nieuwsblad & Het Volk 10 juni 2006

 

De tijd van het Algemeen Nederlands en de gehate ABN-kernen ligt ver achter ons. Dialecten zijn niet langer taboe, ze zijn ,,oraal patrimonium''. Het internet bulkt van de dialectsites, Suskes en Wiskes verschijnen in het Limburgs en West-Vlaams en regionale taalgidsen worden verkocht met dui- zenden. Maar wat we horen en zeggen is allemaal geen zuivere koffie.

 

Of onze dialecten springlevend zijn? Sinds een jaar publiceert Lannoo taalgidsen voor onze zeven dialecten, geschreven door academici. De zeven boekjes mét woordenlijsten verkopen zeer goed.

 

Het best lopen de delen West-Vlaams, Stads-Antwerps en Belgisch-Limburgs. ,,Daarvan hebben we al verscheidene duizenden verkocht. De overige halen een verkoop van 1.500 tot 2.000 exemplaren'', zegt uitgever Dirk De Muynck.

 

"Dialecten niet in opmars"

 

De Eerste Vlaamse Dialectdag, die vandaag plaatsvindt in Lokeren, verwacht 170 academici, heemkundigen andere taalgebruikers. Het congres wordt georganiseerd door het Vlaams Centrum Volkscultuur (VCV) en de vzw Variatie, koepelorganisatie voor dialecten en oraal erfgoed in Vlaanderen. Ook het VCV biedt de Lannoo-dialectboeken te koop aan. De afgelopen twee weken verkocht het er meer dan honderd, vooral Oost-Vlaams,Brussels en Vlaams-Brabants/Antwerps. Voor de diehards: ja, er is ook een taalgids Frans-Vlaams.

 

En toch: "De dialecten zijn helemaal niet in opmars'', zegt verrassend genoeg professor Nederlandse Taalkunde Jacques Van Keymeulen (Universiteit Gent), tevens voorzitter van Variatie. "De traditionele dialecten zijn integendeel aan het vervlakken. De woordenschat ervan is snel aan het verdwijnen. De belangstelling ervoor is voor een groot deel 'museaal', het koesteren van iets wat verloren dreigt te gaan. Aan de andere kant breidt het terrein uit van de informele taal in al zijn vormen: dialect of wat daarvoor doorgaat, tussentaal, sms-taal, chat-taal enz. Dat heeft onder andere te maken met de Vlaamse culturele emancipatie. Vlamingen kijken niet meer op naar het 'Hollands', de invloed van de Nederlandse tv in Vlaanderen is afgenomen. Er is de democratisering van het onderwijs en van het openbare leven. Vlamingen vinden het minder nodig dan vroeger om 'formeel' te worden in bepaalde situaties, want ze kijken veel minder op naar gezagsdragers dan vroeger.'

'

"We schamen ons minder"

 

"De taal van de Vlaamse soaps is meestal geen dialect, maar een soort taal tussen (Antwerps) dialect en Algemeen Nederlands: tussentaal dus. Indien Nederland niet bestond en de Vlamingen een eigen taalnorm zouden moeten maken, dan had het Antwerpse stadsdialect ongetwijfeld daarvoor model gestaan."

 

"Vlamingen schamen zich hoe langer hoe minder voor hun 'eigen' taal, en dat is een goede evolutie. Ideaal is het, zowel dialect, de taal van de solidariteit, als Algemeen Nederlands, de schrijftaal en de taal van het openbare leven, te kunnen praten in die situaties die daarvoor geschikt zijn. Dialect en Algemeen Nederlands zijn geen vijanden. Ze kunnen vreedzaam naast elkaar bestaan, elk met een eigen functie."